Marokko: zon, woestijn en treinen

In mei 2017 vertrokken we met drie enthousiaste spoorwegfotografen naar Marokko. Vanuit Rabat ging het met een gehuurde wagen langs Mohammedia, Setta, Khouribga, Meknès, Fez, Nador en terug naar Rabat. Het werd een goedgevulde week met enkel maar aangename ontmoetingen.

Zaterdag 13 mei 2017. 

In de late namiddag bracht een Ryanair vliegtuig ons veilig en wel in Rabat-Salé. Na de verplichte paspoortcontrole mochten we Marokko officieel betreden en gingen we onze huurwagen ophalen aan de luchthaven. 

In de avondzon reden we al een stukje naar het Zuiden, naar onze eerste overnachtingsplaats in Mohammedia. Op zondag zouden we dan meteen jagen op de fosfaattreinen tussen Khouribga en El Jadida. 


Zondag 14 mei 2017.

We volgden eerst nog de A7 tot aan de luchthaven van Casablanca, om vervolgens de regionale weg te volgen in de richting van Berrechid. Hier hielden we ook onze eerste fotostop, en probeerden we wat informatie in te winnen bij een stationschef over de goederentreinen. Ook al was de man in kwestie vriendelijk, veel nuttige informatie verkregen we niet “train de marchandise, seulement la nuit!” om dan 10 minuten later meteen een goederentrein voorbij te zien sjezen. 

Iets ten zuiden van Berrechid, in Sidi El Aidi, splitst de lijn. Enerzijds heb je de lijn naar Khouribga, waar de meeste fosfaattreinen rijden en anderzijds de lijn naar Marrakesh, waar dan meer de meeste reizigerstreinen rijden. We kozen er voor om eerst nog de verwachte reizigerstrein naar Marrakesh te fotograferen, iets ten zuiden van Settat.

Vervolgens verlegden we ons actieterrein naar de “fosfaatlijn”. Vanuit Settat loopt er een redelijk goeie weg naar Ras El Ain, wat zowat centraal ligt op de lijn naar Khouribga. We zouden deze weg dan ook nog enkele keren afrijden. 

Elke onbewaakte overweg had zijn eigen ONCF medewerker. Communicatie was echter moeilijk (wij spraken geen Arabisch, zij spreken geen Frans). Ze hadden (soms) wel een idee van de rijtijden, maar het was communiceren met handen en voeten. Al snel konden we aan zo’n onbewaakte overweg onze eerste fosfaattrein fotograferen met E-1356 (nez-cassé) op kop van een volle fosfaattrein richting El Jadida. U ziet de beveiligingsbeambte in de schaduw van de bomen staan – want ja, het was wel effectief warm met temperaturen boven de 30°. In de uren nadien konden we nog wat treinen fotograferen, we hebben er ook wel wat zien rijden vanuit de wagen. In de late namiddag fotografeerden we nog een reizigerstrein uit Khouribga, om in het allerlaatste zonlicht nog een volgeladen fosfaattrein richting El Jadida te fotograferen alvorens we richting Khouribga reden om daar een overnachtingsplaats te zoeken.


Maandag 15 mei 2017.

Na een snel ontbijt in het “Golden Tulip” hotel ging het rond 7u naar de lijn, in de buurt van Mrizig. De weg er naartoe lag bezaaid met kuilen, maar niets dat onze gehuurde Dacia Logan niet aankon! We waren nog op tijd om de reizigerstrein naar Khouribga te fotograferen vanuit een graanveld, niet zo veel erna gevolgd door een lege fosfaattrein.

De rest van de dag bleven we op de lijn fotograferen, zowat rond Sidi Hajjaj, met een uitstap naar Settat onder de traditionele middagdip om te gaan lunchen (Tajine). 


Dinsdag 16 mei 2017.

De overnachting in Settat was basic, maar nog net OK (en het kostte amper iets). Niet eenvoudig om een hotel te vinden in het weinig toeristische stadscentrum. We stonden weer op tijd op om bij het mooie ochtendlicht langs de lijn te staan. Het treinverkeer kwam echter maar traag op gang die dag. Eerst moesten we wel snel een paniekshot maken om de reizigerstrein uit Khouribga nog te kunnen fotograferen (niet de moeite waard om te tonen). Vervolgens plaatsten we ons in de velden om te wachten op fosfaattreinen…maar dat duurde nog wel eventjes. De boer kwam eens langs uit nieuwsgierigheid – wat volgde was een gesprek in zeer beperkt Frans. Maar men was wel altijd supervriendelijk!

Na een dik anderhalf uur wachten werd de stilte doorbroken door het geluid van een denderende cargo! Hierna verplaatsten we ons wat op de lijn. We wilden nog enkele fotopunten aandoen vooraleer we onze reis gingen verderzetten in de buurt van Meknès.

Uiteindelijk sloten we het eerste deel van de reis af in de woonkamer van een plaatselijke bewoner, geteisterd door reuma (wiens Frans trouwens impeccable was, beter dan dat van zijn zoon die de overweg naar het gehuchtje ‘bewaakte’). We mochten ook meteen van zijn middagmaal mee-eten. Mooie afsluiter.

Na de middag vertrokken we dan richting Meknès, op de lijn tussen Sidi-Kaçem en Fès. Meer reizigerstreinen en mer gevarieerde cargo, dat was het doel. En als we wat geluk hadden, zouden we misschien wel een ex CC 72000 kunnen fotograferen!

Na een drietal uur bereikten we Meknès, en onder begeleiding van navigator Geert bereikten we een fotopunt aan de rand van de stad. Het fotopunt bevond zich weliswaar op de top van de vuilnisbelt, maar aangezien stank niet afstraalt op een foto, neusje toe en wachten op de verwachte reizigerstrein vanuit Sidi Kaçem! Aangezien er toch wat louche figuren rondwandelden (met oa een dikke jas ondanks de wederom +30°) hielden we het na die reizigerstrein voor bekeken en reden we nog wat verder de lijn af in de richting van Sidi Kaçem. De lijn werd hier recentelijk trouwens helemaal gerenoveerd en dubbelsporig gemaakt. De tractie wordt er vooral gezorgd door ONCF reeks E1300 (nez-cassé) en de E1400 (Prima 3000). 

Overnachten deden we in een typische riad in het stadscentrum van Meknès. Het verkeer was hier trouwens al een pak chaotischer dan wat we tot dan toe gewend waren. Een assertieve rijstijl was aan te raden. 


Woensdag 17 mei 2017. 

Na rustig ontbeten te hebben in “onze” villa en de al erg bedrijvige stad groetten vanop het dakterras, maakten we een eerste tussenstop aan de depot van Meknès. Ook al wilde de plaatselijke beveiligingsbeambte ons met plezier binnenlaten op de depot, hij had toestemming nodig van zijn chef en die kon hij niet bereiken. We konden wel een glimp opvangen van een afgestelde DF 100, maar daar bleef het voorlopig bij…We sprongen terug de wagen in en begaven ons in de richting van Fès. 

Deze sectie van de as Casablanca/Tanger – Sidi Kaçem – Fès is al volledig gemoderniseerd. Waar dit vroeger een geëlektrificeerde enkelsporige lijn was, is dit anno 2017 een uiterst moderne dubbelsporige lijn, ook met de nodige bouwwerken. Zo is het “viaduc de Boughani” het langste viaduct van Marokko. 

Na dit modern intermezzo stapten we terug de auto in om langs de diesellijn Fès-Taourirt-Oudja te gaan staan. Op dit gedeelte zouden we al kans moeten hebben om gesleepte treinen met een ex CC-72000 op kop. De eerste verwachte trein was echter een reizigerstrein Oudja-Fès, die we fotografeerden net voor het binnenrijden van Fès.

De temperaturen stegen weer naar +30°, na het fotograferen van de trein was het meteen de auto in en stoppen bij het eerste het beste tankstation om water en cola in te slaan. Het was ook het moment om info over mogelijke goederentreinen te vergaren, dit deden we aan de dichtsbijzijnde blokpost in de buurt van Oulad Ghfir. Er zou één goederentrein op komst zijn vanuit Oudja, die een reizigerstrein zou moeten kruisen in het station waar we op dat moment stonden. 

Aan fotomotieven was er trouwens geen gebrek in die streek, met twee stalen bruggen op wandelafstand van elkaar. We moesten niet lang zoeken…helaas nog wel wat tijd te doden in een loden hitte, en als er dan ook nog eens dierlijke kadavers verspreid liggen in het landschap waarvan de geur je opeens kan overvallen…Een ervaring. Op foto is daar niets van te merken, prijs jullie gelukkig!

De goederentrein was jammer genoeg niet zo fotogeniek, en in plaats van de verhoopte DF100 was het één van hun nieuwere DH’s, gebouwd door TŽV Gredelj: DH418 sleepte deze korte goederentrein naar Fès. 

De laatste foto in onderstaande galerij toont de laatste reizigerstrein naar Fès die dag. Deze werd gefotografeerd in de buurt van Barrage Idriss 1e, waar fotograferen precies wel niet echt toegelaten was aangezien we in de middle of nowhere toch al snel bezoek kregen van iemand wiens functie niet echt duidelijk was. Maar die ons dan iemand via telefoon doorgaf die ons uitlegde dat we het meer zeker niet mochten fotograferen. Tijdens het gesprek passeerde ons de trein (die we gewoon konden fotograferen) en toen zijn we maar vertrokken. 


Donderdag 18 mei 2017.

Na de overnachting in opnieuw een riad, deze keer in Fès, reden we meteen naar de Barrage Idriss. Het telefoongesprek van gisteren waren we al vergeten en we begaven ons meteen naar één van de bekende fotopunten langs het meer, waar je ook nog de restanten kan zien van de oude (lagere) spoorwegbedding. We hadden er ook een grappige ontmoeting met een spoorwegbeambte (functie onduidelijk), die, eens hij vernam dat we uit België kwamen, enthousiast “Roi Baudouin” uitriep. En dat niet één, of twee keer, maar constant. Zelfs toen hij het viaduct opliep om zijn ‘werk’ te doen onder ons toezicht. 

In ieder geval, het zicht, de locatie, was prachtig. Ik denk dat ik het op mijn top 5 moet zetten. Perfect op tijd kwam de reizigerstrein naar Oudja langs. 

Hierna kondigde zich een stilte aan, een perfect moment om in de buurt iets te eten. De locatie (Ouled Ayad) was wel niet meteen de meest aangename, je bent er ver van de toeristische buurt, en er liepen toch wat ongure mensen rond, ook vluchtelingen, al dan niet met een mes in de hand. Ook altijd vreemd als er mensen een dikke jas dragen bij +30°. Anyway, uiteindelijk konden we wel in alle rust eten, zo het typische lam en schaap dat al heel de dag buiten hangt en waarvan je hoopt dat het vlees toch goed doorbakken is :).

Iets na de middag verwachtten we terug twee reizigerstreinen. Na deze gefotografeerd te hebben met het azuurblauwe meer in de achtergrond gingen we terug info inwinnen in het station van Koucha. De goederentrein was helaas afgeschaft, maar er werd ons wel verteld dat er tussen Nador en Taourirt meer cargo reed, met mogelijk ook nog DF100 machines. Dat was het duwtje dat we nodig hadden om de auto in te springen en door te rijden richting oosten!

Onderweg fotografeerden we nog drie reizigerstreinen, waarvan de laatste foto niet zo ver van Taourirt, net voor de spoorwegdriehoek met de aftakking naar Nador. 

Het idee was om vervolgens in Taourirt te overnachten. Maar booking.com gaf geen hotels aan, terwijl Nador weer een heel pak meer toeristischer is (badplaats ook). Ook al was dit nog 100km reden, we namen het zekere voor het onzekere en reden, terwijl de avond viel, richting Nador. 

 


Vrijdag 19 mei 2017.

De laatste volledige dag in Marokko. Er stond wel wat op het programma, niet alleen moesten we terug in Mèknes geraken (om de laatste dag ons Ryanair vliegtuig in Rabat konden halen), we wilden ook nog wel wat vette cargo’s fotograferen rond Nador. Mogelijke kanshebbers waren cementtreinen, kolentreinen of gemengde goederentreinen. Maar het bezoek aan het station van Selouane was ietwat ongoochelend, er waren immers geen goederentreinen aangekondigd volgens de stationschef. De focus werd dan maar weer gelegd op de reizigerstreinen, waarvan we de uurregeling wel hadden via het internet.

Ook opvallend op de relatief nieuwe lijn naar Nador, zijn de nieuwe, bijna megalomane stationsgebouwen. Als je ziet dat er in de omgeving nauwelijks een handvol mensen woont, kan je alleen maar stellen dat deze met het oog op de toekomst zijn opgetrokken. De gebouwen stonden ook leeg.

Vooraleer we terug richting Meknès reden, maakten we nog een woestijnopname iets buiten Taourirt, om de trein Oudja-Fès te fotograferen. Hierbij werden we door de plaatselijke beambte van het Marokkaanse agentschap natuur en bos gewaarschuwd voor slangen (denken we – hij sprak geen Frans) en toen hij toch maar bleef hangen, hadden we door dat hij ook wel een soort fooi wou, om o.a eten te kopen (wat misschien ook maar niet meer als normaal is als je ziet wat de mensen daar verdienen). 

Op weg naar deze regio zag Geert vanop de autosnelweg precies een ex-CC72000 inFRET livrei in het station van Taza staan. Het was overtuigend genoeg om dit op de terugweg van naderbij te bekijken, en effectief, er stond daar een DF100 afgesteld in het station, standby om locomotieven in nood te helpen. Fotograferen in het station was voor één keer geen probleem voor deze vriendelijke stationsmedewerkers! Merci!

Vervolgens werd er onderweg naar Meknès nog een foto gemaakt in Bab Merzoka. 


Zaterdag 20 mei 2017.

De laatste dag op Marokkaanse bodem. We hadden ondertussen al wel een DF100 op foto, maar nog niet in actie! Zou het vandaag dan lukken? Vanuit het Ibis hotel in Meknès vertrokken we richting de Gorges de Sidi Kaçem, een knap fotopunt. Vanop de weg zag Gaetan precies het gedaante van een CC 72000 in het station van Ain Karma. We keerden om en gingen het van dichterbij bekijken…Effectief, Nez Cassé BB-1302 was in panne gevallen en DF116 to the rescue! Dit moest dan maar het moment worden om een DF100 in actie te zien. Het convooi zou na twee aangekondigde reizigerstreinen richting het depot van Sidi Kaçem rijden. Ons teken om een fotopunt te vinden!

Uiteindelijk sloten we de vakantie af in de Gorges de Sidi Kaçem, waar we benaderd werden door een enthousiasteling die ons met zijn 4×4 kwam opzoeken en precies blij was dat er eindelijk eens Europeanen de pracht van de streek hadden ontdekt.

En dat laatste kan ik alleen maar beamen! Mooie natuur, vriendelijke ontmoetingen, qua treinverkeer zeker de moeite. Ietwat meer cargo rond Nador was mooi geweest, daar moet je natuurlijk wat geluk mee hebben. Misschien zit er wel een vervolgtrip in, wie weet!